Untitled Document
vrijdag 30 juli 2010
Inloggen
   
Montessori

   

 Kernpunten Montessorionderwijs

Maria Montessori (1870-1950) was een Italiaanse arts die zich haar leven lang heeft ingezet voor wat zij "de rechten van het kind" noemde. Ze bedoelde daarmee dat het kind de ruimte moet krijgen om zich volledig te ontplooien en een vrij en onafhankelijk mens te worden. Zij gaat ervan uit dat het kind een natuurlijke drang tot leren heeft en dat wij er slechts voor moeten zorgen dat het kind de kans krijgt zijn talenten te ontwikkelen. Wij werken volgens de opvatting die zij ontwikkeld heeft: de montessorimethode. Die methode heeft in de afgelopen 50 jaar veel modernisering ondergaan, maar de essentie is overeind gebleven: het kind staat centraal. Wat zijn kernpunten van haar visie?

Leren en ontwikkelen
Kinderen leren niet alleen als de omgeving hen uitdaagt maar vooral als hun nieuwsgierigheid is gewekt en ze bepaalde facetten van hun omgeving beter willen leren kennen. Als iets eenmaal hun interesse heeft, kunnen ze zich daar heel goed op concentreren en langdurig oefenen. Kleuters kunnen bijvoorbeeld geboeid raken door letters en daar gedurende een langere periode mee aan de slag gaan. Al proberend en experimenterend doen ze kennis op over het alfabetisch principe van onze taal. Kinderen staan in de ene periode meer open voor het leren van bepaalde kennis of vaardigheden dan op andere momenten van de ontwikkeling. Bij voorkeur sluiten we op deze gevoelige periodes aan.

Zelfstandigheid
Het kind wil zelfstandig worden. Volgens Montessori is er bij dit proces van “groot” worden sprake van een doelgerichtheid die uit het kind zelf komt. Belangrijk is dan ook dat het kind de vrijheid krijgt om zijn omgeving te ontdekken en te doen wat het zelf kan. De kerngedachte van het montessorionderwijs is terug te vinden in de uitspraak: “Leer mij het zelf te doen”. Kenmerkend voor montessorionderwijs is dan ook dat kinderen zelf kiezen waarmee ze aan de slag gaan en zo mogelijk zelf bepalen wanneer ze hulp nodig hebben en van wie. De leid(st)er stuurt, door materialen aan te bieden, activiteiten te organiseren, aan te moedigen en instructie te geven. Op deze manier begeleidt de leid(st)er het kind bij de ontwikkeling.

Voorbereide omgeving
In een montessorigroep valt meteen de inrichting van het lokaal op. De materialen staan in open kasten en de groepjes zijn heterogeen samengesteld. De leid(st)er zorgt ervoor dat de leeromgeving uitnodigend is ingericht. In de leeromgeving vinden kinderen materialen die hun nieuwsgierigheid prikkelen. De sociale context stimuleert hun drang tot exploreren. Als kinderen hun klasgenoten met onbekende materialen zien werken, is dit vaak een prikkel om zelf ook nieuwe uitdagingen aan te gaan. In groepen met verschillende leeftijden bij elkaar kunnen kinderen elkaar helpen en van elkaar leren.

Werkkeuze
De kinderen op onze school krijgen veel vrijheid om zelf hun werk te kiezen en/of in te delen, maar de leerkracht let erop dat die keuze in de juiste verhouding staat tot de mogelijkheden (talenten en beperkingen) van het kind. Om het samen leren en leven in een groep mogelijk te maken, zitten er ook veel regels aan die vrijheid vast. Kinderen moeten er voor zorgen dat de materialen waarmee ze gewerkt hebben, ook weer opgeruimd worden . Het is een vrijheid in gebondenheid!

Montessorimateriaal
Met name in de onder- en middenbouw wordt gebruik gemaakt van het ontwikkelingsmateriaal. Kleuters oefenen abstracte begrippen als bijvoorbeeld groter en kleiner aan de hand van een serie cilinders die verschillen in dikte en hoogte. In de onderbouw zijn ook schuurpapieren letters om kinderen via verschillende zintuigen (zien, voelen en horen) te laten kennis maken met de letters. In de middenbouw is er bijvoor-beeld het fichesspel om moeilijke optel- en aftreksommen te leren oplossen. Het materiaal is aantrekkelijk en nodigt uit tot spontane herhaling. Veel materiaal is zelfcorrigerend zodat de leerlingen zonder inmenging van de leerkracht hun 'fouten' kunnen ontdekken. Aan het eind van de middenbouw maakt het materiaal plaats voor een minder concrete verwerking van de leerstof.

Montessorionderwijs voor ieder kind
Op onze school benaderen we ieder kind op een manier die bij het individuele kind past. De groei naar zelfstandigheid en het dragen van verantwoordelijkheid voor de eigen ontwikkeling is een proces. Dit proces verloopt bij ieder kind weer anders. We sluiten aan bij het niveau van de individuele ontwikkeling en van daaruit stimuleren we het kind tot groei. Binnen de groep kunnen er verschillen optreden in de mate waarin kinderen zelfstandigheid aan kunnen, wij geven dan “begeleiding op maat”.

Sociale vorming
In een montessorigroep is veel ruimte voor de kinderen om sociale ervaringen op te doen. Door het werken met het montessorimateriaal wordt samenwerken gestimuleerd. Door de heterogene samenstelling van de groep leren de kinderen elkaar te helpen en om hulp te vragen. Kinderen spelen niet alleen met leeftijdgenoten maar ook met jongere en/of oudere kinderen. De school is een leef - en werkgemeenschap. Vanuit deze gedachten werken wij dan ook met een continurooster. Door gemeen­schappelijke activiteiten blijven de kinderen door de hele school heen met elkaar in contact. Op onze school kennen haast alle kinderen elkaar.

 Afdrukken  
 
 Gebruiksovereenkomst | Privacybeleid
Copyright 2007 Heutink-ICT